Het verdwenen mysterie
Curieus. De twee albums van Super Furry Animals in het boek zijn uitgekomen in 1996 en in 2001. De laatste jaren van mijn studie en de eerste jaren dat ik werkte. In die latere jaren had ik dus opeens veel meer geld beschikbaar voor het kopen van muziek. Ik had in die periode een abonnement op Oor. Ik ging naar concerten. Ik luisterde naar Studio Brussel. Ik was vanuit mijn studietijd helemaal into alternatieve muziek, Britse, Belgische en Nederlandse in het bijzonder. Super Furry Animals zijn een – soort van, kun je enigszins over discussiëren – alternatieve Britse band. Uit Wales, om precies te zijn en niemand te beledigen.
Ik heb geen enkele herinnering aan deze band. Ja, de naam doet vaag een belletje rinkelen en ik associeer het met deze tijd en vooral meen ik mij enige verwarring te herinneren met die andere ‘Super-‘band, Supergrass, die ik wel ken en wel goed vind. Oeps, spoiler alert. Nou ja, dat zie je ook aan het cijfer vier dat hierboven in de titel staat. Ik kan me gewoonweg niet herinneren dat ik ooit muziek van deze band heb gehoord, ook niet na het relatief veelvuldig beluisteren van dit album.
En dat is best gek, want ik stond er als het ware naast. De mensen om mij heen, de scene waarin ik mij enigszins begaf was het publiek voor deze band. Maar nope, doesn’t ring a bell.
En dat is allicht deels verklaarbaar door het nogal sterk elektronische karakter van deze band. Wederom spoiler: dat is ook de belangrijkste reden dat het album mij tegenstaat, en soms niet zo zuinig ook. Er wordt een aantal productiekeuzes gemaakt die ik ronduit onbegrijpelijk vind. Om maar meteen de koe bij de hoorns te vatten: het nummer ‘No sympathy’. Ergens in de loop van het nummer doet werkelijk onwaarschijnlijk lelijke elektronica zijn entree en het eindigt in een elektronische bombast die een terroristische aanslag is op alles wat enigszins zinvol of waardevol is in je hoofd. Mijn hemel, dit is zo afschuwelijk dat als ik het nummer een cijfer zou moeten geven ik een 0 nog aan de hoge kant zou vinden. Ik ben op dit moment ziek, mijn hoofd zit helemaal vol snot, dit is niet te verdragen. The Prodigy komt qua overdonderende lelijke elektronische kutherrie nog niet in de buurt. Die lelijke elektronica horen we ook bijvoorbeeld in ‘Sidewalk serfer girl’. En wat bombast betreft: dit album klinkt zo overdonderend dat ik vermoed dat dit een van de vele voorbeelden is van de loudness wars. [Jawel hoor, Google-AI geeft mij meteen gelijk en zegt dat dit een van de vaak aangehaalde voorbeelden is.]
Die onvoorstelbare luidheid en de elektronica en vooral die knisperende nepdrums zijn niet het enige lelijke op dit album, Of ja, eigenlijk is het allemaal elektronische ellende. Juxtapozed with U’ begint al heel lelijk, met een soort autotune-achtige zang, voorafgegaan door een bijna ‘Love Boat’-achtige melodie. Daarna denk je opeens naar Paul Anka of zo te luisteren. Ik zie nu dus op de desktop-versie van Spotify dat dit met grote voorsprong het meest gestreamde nummer van het album is. Ik denk dus toch dat het publiek voor deze band misschien niet het publiek is waar ik in 2001 toe behoorde.
Daarna gaat het album opeens veel beter verder in ‘Presidential suite’ dat gek genoeg vooral aan Burt Bacharach doet denken met de koperblazers. Het is een van de nummers waarin zanger Gruff Rhys merkwaardig genoeg heel erg als Evis Costello klinkt. Daarna volgt echter het absolute hoogtepunt van het album, een nummer dat ver maar dan ook echt ver boven de rest uitsteekt: ‘Run! Christian, Run!’ Ook dit is bombast, het heeft een soort epische bouw met dus een luide finale, maar dan wel met muziek. Jawel, ook hier horen we elektronica, maar die wordt effectief ingezet. Het is een beetje Sufan Stevens-achtig maar die is van later. Een ander nummer dat ik in positieve zin wil noemen is titelnummer ‘(Drawing) Rings around the world’. Het is het nummer waarin we het duidelijkst de belangrijkste invloed op deze band, althans, dat is mijn inschatting, horen: ELO. Het is bijna een rip-off, maar in de modernisering is het er bepaald niet beter op geworden.
Als ik in mijn laatste vormende jaren – voordat ik voor lange tijd volledig op jazz overging – deze band bewust links heb laten liggen was dat een hele verstandige beslissing. Toen moet dit, als tot voor kort metalhead, totaal niet mijn ding zijn geweest. Terzijde, over metal: op de wikipedia-pagina van dit album staat serieus dat een van de genres die op dit album te horen – of allicht: van invloed zijn geweest – death metal is. Eh… Ik ben toch redelijk thuis in dat genre en ik hoor helemaal niets daarvan terug. Helemaal niets.
Well done, jonge Ivo. Het is nog steeds niet mijn ding.

Ontdek meer van ivo-habets.nl
Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.
